Polderbos

België, Hoboken -

Het had daags voordien flink geregend. Dat, en een storm had van zich laten horen. De rubberen laarzen mogen van stal en ik de hort op. Of er runderen zijn. Dat was de hamvraag. En of er nog sneeuw ligt. Vragen in mijn hoofd. In mijn hoofd overleeft sneeuw de zachte winterzon. En in mijn hoofd zijn er altijd beestjes, altijd.

Ik trek met K & P en Timmy de hond uit Hoboken het bos in. Het Polderbos omringd door zware metalen, lichte Scheldedeining en een bebouwde kom is een rustpunt net buiten de drukte van mijn Leien, makkelijk te bereiken met bus, fiets, tram, trein of een combinatie uit het hele transportbuffet. Te voet kan ook, maar wandelen doen we al. We moeten niet overdrijven. De AS-route van 7,5 km zal volstaan om de weekendknoken te smeren, het hart te luchten bij vertrouwelingen en net voor de regen warmte, schuildroogte en rust te vinden in de gerenoveerde taverne Steiger 3 bij het ‘koffietasje P’-bord, de jachthaven. Daar heb je een mooi zicht op de rivier. Even tijd voor een peukje nemen brengt je De Waterbus, een sjiek manoeuvre van een duwboot – hoe heet zoiets? – die een groot ding – wat is het? – naar een fabriek – wat maken ze daar? – loodst. Allemaal vragen die niet per se een antwoord hoeven en die zichzelf oplossen als de suiker in mijn heerlijke latte macchiato. Lees verder…

Vijftien jaar

België, Hoboken -

Vijftien jaar. Vandaag vijftien jaar geleden stonden we met z’n allen aan dit gras. Neef speelde toen muziek terwijl wij huilen moesten, het neerdwarrelen van as in een winterzon. Een een donkere dag hier op begraafplaats Schoonselhof. Nu wandelen broer en ik langs de paden en het groen, plattegrond in de hand, zoals het een echte gids betaamt. En dat hij gidsen kan laat zich meteen merken. Broer kent zijn stof: boeiende verhalen, kleine anecdotes, grote en kleine geschiedenissen, kunst en curiosa, politiek en maatschappij, symbolen en idolen. Mijn hoofd is nog een beetje dwalend van een overdosis zorgen en het hart vindt toelaas in de prachtige poëzie die hier in rijmen te rapen valt bij historische figuren of gewoon, voor de eerlijke vinder, links en rechts verstrooid in perken. Ook een handvol steentjes lijkt net een vers.

Broer wil graag monumentale en Joodse graven zien, ik wil even stilstaan bij de dichters. Omdat de winterzon schijnt, omdat je voor een afscheid van vijftien jaar even tijd mag nemen, omdat we er willen en kunnen zijn voor elkaar stoppen we even de klokken. Vandaag, zo weet weet broer, hangt de vlag halfstok. Iets met een koning, voor ons is het voor mama Mia. We salueren staatslieden en politici, pauzeren bij poëten en staan stil bij wat een staking of wereldoorlog teweeg bracht. Hier vallen sporen van geschiedenis te rapen, simpelweg door een symbool of een zinnetje op een zerk. Als je goed kijkt zie je zo de hel van een deportatie. Als je goed kijkt zie je het kind dat slechts één dag de Aarde heeft bewoond. Als je goed kijkt zie je een staking eindigen in moord. Als je goed kijkt vind je parels van gedichten. Het wit tussen die regels schept een rust.

Ik kies twee gedichten: ‘Indien de dood een leugen is’ van Maarten Inghels, prachtig voorgedragen op negen stenen. Een Stonehenge in Hoboken. Verder valt mijn oog op Marcel van Maele, vriend van nonkel, “aanklager van de roest in het leven”, met zijn mooie gedicht ‘Terwijl de kaalgeschoren dagen huilen’ uit 2001.

Begraafplaats Schoonselhof is ook een beetje gewoon een park. Een park waar herinneringen mogen wonen, maar een hond ook simpelweg kwispelen mag. Waar plantjes groeien en mos zelfs hier en daar een zerk begraaft. Het is een mooi stuk groen waar je wandelen kan in rust. De zon verwarmt ons hart. We voelen ons verbonden, broer en ik. Het is een stilstaan zonder tranen. Geen weemoed, geen drama. Een stil gemis van mama Mia. Een plekje waar zij ooit was. Vijftien jaar geleden. Toen stonden we met z’n allen aan haar gras. Nu stonden we even stil bij wat ooit was. En weten dat samenzijn moeilijk is op je eentje. Zelfs in een winterzon.

Zonnekuren

Egypte, Hurghada -

Vakantiekriebels. Ik heb ze telkens weer. Die aangename spanning, het hart gaat net iets sneller slaan. Er is een nieuw avontuur op til en het is weer tijd voor lijstjes maken, grasduinen in reisgidsen. Koffertje inpakken en vouwen. Koffertje uitpakken. Koffertje terug inpakken en proppen dan maar. Vakantiekriebels dus. Maar deze keer was het anders. Heel anders… Lees verder…

Zuiderzee

Nederland, Amsterdam -

Ik zou terug naar Mongolië gaan. Een foute inschatting van het aantal vrije dagen en een juiste inschatting van de reisduur en -kosten hebben dat plan echter in de emmerlijst gekegeld. Waarheen dan? Terug naar Montségur? De Katharen trekken me, maar ik was er nog maar pas. Een zonnige all-in – boekje bij het zwembad, zwembad bij de bar – is goed voor heel kort, maar niet voor twee weken. Waarheen dan? Mijn oog valt op de Kungsleden in het hoge noorden (het Koningspad), maar ook op de vele hardnekkige muggen die onvermijdelijk reisgenoot zullen zijn. En ik bedenk dat je voor zo’n tocht toch liever wat meer tijd uittrekt. Dat avontuur kegel ik dus ook maar in de emmerlijst. Waarheen dan? Ik spring sinds april ongeveer elke week op het zadel van mijn Batavus. Die tochtjes werden geleidelijk aan langer, tot ze voelden als kleine reisjes. Fietsen dan maar? Twee weken is voldoende en fietsen is niet duur. De kogel is door de kerk. Maar waarheen dan? Mijn stadsfiets is wel stoer, maar met slechts drie versnellingen en een stalen frame zit je in de Ardennen al gauw te duwen en te puffen. Dat wordt niet leuk. Ik richt mijn blik naar het noordoosten – Nederland, fietsland. En woont daar geen Nienke, met een heuse trekkingfiets? Even Warder bellen. Lees verder…

Le Pays Cathare – losse flarden uit het logboek

Frankrijk, Montségur -

Zondag 23.6, Antwerpen. De trein staat klaar. Bestemming Charleroi-Sud. Het is een dubbeldekker. Ik neem plaats op de bovenste verdieping. Hoger. Beter zicht. Best wel zenuwachtig. Beetje moe, trillend. Ik moest ook perse aan teveel wijn gisteren en maar dansen. Die zelfsabotage is mislukt. Ik ga. Ik ga. Ik ga! Run, Forrest, run. Lees verder…

Bloemetje erbij

Letland, Riga -

Je moet voorbij de kreupele trap bij de voordeur kijken. Begrijpen dat een afbladderende hal opfrissen geld kost. Dat de renovatie van de gevel van het – ooit prachtige – houten pand nog meer geld kost. En weten dat het binnen allemaal meevalt. Zo gaat dat meestal met appartementjes in Oost-Europa. Zo ook in de buitenwijken van het Letse Riga. Maar eens binnen, wanneer je de aanwezigheid van stromend water en een wc-pot bevestigd weet en opgelucht ademhaalt, val je voor de charme van de couleur locale. Lees verder…

Theo’s strandbeest

Nederland, Den Haag -

Bij Strandslag 10 in Den Haag stapt een beest over het strand. Zijn vleugels vangen de wind. Hij zuigt zich de longen vol en stapt. Bij het water voelt hij nattigheid en keert behoedzaam op zijn passen terug, weg van de Noordzee. Ooit zal hij zwerven tot Kijkeind en terug. Om dan gelukkig te sterven op de ‘bone yard’ en te verworden tot fossiel. Of hij gaat het schip op, gevangen in een container, naar Japan. Daar houden ze van het beest. Van heinde en verre verzamelen dromers en grote kinderen om deze vreedzame schepsels eenzaam of in kudde van dichtbij te bewonderen. Lees verder…

In Flanders Fields

België, Veurne -

La Dune Marchand is een klein natuurreservaat aan de Noordzee in de duinen van Frans Vlaanderen, net over de grens op een boogscheut van De Panne en Duinkerke. Een klein stuk kustlijn is geen betonnen promenade met torenhoge woonbokalen en tavernes van dertien in een dozijn. In dit duinenschoon groeit het helmgras, bloeien de wilde bloemen en klimmen struiken en bomen uit het zand. Het strand is leeg. De zon geeft zich over aan de zilte baren. We overnachten op de ‘camping municipale’ van Bray-Dunes en lijken beland in een film van de gebroeders Dardenne. De camping wordt bevolkt door een stelletje marginalen die de bakken bier vervoeren met de kinderbuggy en de koters achter zich aan slepen als versleten koffers. Er wordt getierd dat het een lieve lust is. We verlaten de ‘ch’tis’ en trekken naar de Westhoek. Lees verder…

Groene parel achter het IJzeren Gordijn

Tsjechië, Sumava -

In een land waar er bergen vlees worden geserveerd is het verdomd moeilijk een slager te vinden. Het is ons niet gelukt. Stapels worsten en kippen liggen voor het rapen in de supermarkt, maar een lapje vlees? Ho maar. We wagen ons aan een rozige rol uit het vriesvak. Het lijkt gehakt, maar het blijft een gok. In dit land van sportvissers kan het net zo goed een pak aas zijn. Het plaatje op de verpakking is niet echt verhelderend. Zijn het gehaktslierten of wormen? De rol ontdooit en Kees tovert gehakballetjes in de pan. We spoelen dit kleine avontuur door met een grote pils, de oerpils aan 2 eurodollars per liter. Welkom in Tsjechië.

Langs de dorpen en akkers van het Duitse Beieren bereiken we de grens van het voormalige Oostblokland. En dat merk je meteen. Landbouw en dorp gaan in Duitsland nog hand in hand met het Beierse Woud, aan de Tsjechische kant van het woud is geen (land)bouwsel te bespeuren. Tijdens de communistische overheersing was een groot deel van het Boheemse woud decennialang verboden terrein. De communisten beweerden hierdoor CIA- en FBI-spionnen en kapitalistische indringers te kunnen tegenhouden. De bevolking zag het eerder als een wapen tegen de mensen die het land wilden ontvluchten. Wat ook de drijfveer was voor dit verboden gebied, het resultaat vandaag is een prachtig natuurgebied – het Sumava Nationaal Park – met slechts hier en daar een dorpje. De bomen zijn hier baas. Lees verder…