Polen

De Aarde draait

Polen, Krakau -

Eén dag per week wordt in de Petrus en Pauluskerk hier in Krakau het mechanische bewijs geleverd dat de Aarde draait. Met een pendulum van 25 kg aan een touw van 46,5 meter wordt het experiment wat Foucault in 1851 voor het eerst in het Panthéon te Parijs presenteerde, voor een schare leergierigen overgedaan in dit huis van God. Beetje grappig daar het net de gelovigen waren, namelijk de Protestanten, die vonden dat de theorie van Copernicus in strijd was met de Bijbel. Copernicus leverde in de zestiende eeuw het wiskundige bewijs, en Foucault zo’n 300 jaar later het mechanische bewijs dat de Aarde roteert. De pendulum slingert eerst rechtlijnig en na een tijd rozetvormig, een resultaat van de middelpuntvliedende kracht opgewekt door de rotatie van de Aarde – de Corioliskracht. Hier in de Petrus en Pauluskerk maakt een laserstraal de bewegingen van de kogel zichtbaar, in het Panthéon in 1851 trok de slinger kleine streepjes door een laag zand op de vloer.

Van een heel ander kaliber was het experiment dat van start ging in 1949, de Nowa Huta modelwijk. De communisten voelden weerstand tegen hun regime vanuit de middenklasse en de burgerij van Krakau. Om dit klassenverschil te herstellen beginnen de autoriteiten met de aanleg van een industriële satellietstad. Bedoeling is om boeren en arbeiders met een lagere socio-economische achtergrond naar hier te trekken. Nowa Huta wordt het paradepaardje van het Stalinisme. In de typische bouwstijl van het sociaal-realisme verrijzen hier appartementsgebouwen, brede lanen en grote pleinen rond de gigantische Vladimir Lenin Staalfabriek die in haar hoogdagen werk bood aan wel 38,000 arbeiders, toen de grootste staalfabriek van Polen, nu in handen van Acelor-Mittal. Naast werkgelegenheid creëerde Nowa Huta ook de droom dat het communisme je een beter leven bood. Vele propagandafilms werden in deze wijk opgenomen. Het is een project wat ontstond om ideologische, meer dan economische redenen. Alle grondstoffen moesten ingevoerd worden en slechts een fractie van de productie – 7 miljoen ton staal per jaar – vond een koper op de plaatselijke markt. De vraag was gewoon te klein. In de jaren ’80, met de economische crisis, kwam er een einde aan de groei van de stad. Het onvoltooide geraamte van een prestigieuze wolkenkrabber getuigt nog van die crisis. Het project wordt nu smalend het skeleton genoemd en doet dienst als het grootste reclamepaneel van Krakau. Nowa Huta werd de plaats van betogingen en protesten, een broeihaard van de Solidarnosc-beweging. Nog later vind je in deze wijk evengoed een eerbetoon aan fervente anti-communisten. De straten die vroeger genoemd werden naar Lenin of de Cubaanse Revolutie verwijzen nu naar Johannes Paulus II. Het centrale plein werd herdoopt tot de Plac Centralny Ronalda Reagana, wat bij de bejaarde buurtbewoners niet in dank wordt aanvaard. Ze blijven mopperend volharden dat de communisten een beter leven boden.

We verkennen Nowa Huta met de bekwame en prettig gestoorde gidsen van Crazy Guides. Onderdeel van hun Communist Deluxe (oh, de ironie!) tour is het bezoek aan een ‘authentieke’ flat. We worden onthaald op vodka en een propagandafilm in een typische jongenskamer. De voorraad wc-rolletjes van het type schuurpapier op een draad, de verpakkingen van westerse producten als trofeeën ingelijst, de Solidarnosc-vlag als equivalent van de westerse Rambo-poster. In de badkamer mag de illegale stookketel niet ontbreken en de keuken valt vooral op door de lege voorraadkasten. Een rit in een Trabant, de onverslijtbare DDR-tweetakt, is tijdens zo’n tour uiteraard een must. En aanschuiven voor het eten in de typische ‘bar mleczny’, melkbar. De melkbar was een door de overheid gesubsidieerde eettent waar je in ruil voor je rantsoenbon of zuur verdiende centen een simpele maaltijd kon eten uit de volkskeuken. Ook nu nog is het de plaats om grootmoeders keuken te proeven in een uitermate sober decor. Je betaalt aan de kasssa, schuift met je bonnetje aan tussen de bejaarde, werkloze of kansarme Nowa Huttars of studenten en uit de grote potten en bain-marie wordt een schep typische Poolse kost op je trog gelanceerd. Het ziet er misschien een beetje grauwgrijs uit maar het is erg lekker. Ik vind in mijn knoedel wel een stukje krant. Benieuwd wat grootmoeder daarvan zou vinden. In de melkbar vind je geen alcohol of muziek. Een doorsnee etentje duurt hier zo’n kwartier. Het moet vooruitgaan. Er zijn nog zoveel wachtenden na u. Heel anders is het eten in de talloze sfeervolle tenten van de Kazimierz Joodse wijk, een hele andere buurt van Krakau. Met een heel ander verhaal.

De reisleidster duwt een dvdtje in het toestel op de bus. We krijgen een documentaire voorgeschoteld over schaars geklede mensen die zich wezenloos, vel over been, de dood reeds in de ogen, een laatste keer een weg banen onder de poort met Arbeit Macht Frei , de bevrijding van Auschwitz-Birkenau. Ze verontschuldigt zich voor het ontbreken van ondertitels. Maar wat kunnen deze nog meer zeggen dan wat de beelden ons vertellen? En iedereen op de bus kent het verhaal. We kennen het allemaal. We leerden over Wereldoorlog II op school, we lazen met z’n allen het dagboek van Anne Frank. Zoveel documentaires, zoveel films, veel minder getuigenissen – allemaal over de Holocaust. De bus verlaat de grote baan en vervolgt haar weg langs het platteland, de akkers en erven van Oswiecim.

Een oude Poolse legerkazerne werd het Stammlager, het basiskamp. In deze blokken toont men nu landkaarten, foto’s, de afgenomen schoenen, koffers, brillen en prothesen. Elk blok heeft een eigen thematentoonstelling. Hier wordt heel sober gedocumenteerd wat geschied is. In een kelderzaal ligt in een etalage een berg haar, het afgeschoren haar van 30.0000 vrouwen. De Nazi’s hebben getracht het bewijsmateriaal van de massavernietiging te vernietigen voor ze de oorlog verloren, maar hier en daar werden sporen achtergelaten; een baal haar klaar voor export naar de textielfabriek, restanten van zyklon B in het puin van Krema III, een getuige met een nummertatoeage. In Auschwitz I heeft men gerestaureerd zoals het was – de gaskamer, de ovens. In Birkenau heeft men geconserveerd wat overbleef, maar niet herbouwd wat werd vernietigd. Het is door de grootte van het domein eerder dan het aantal barakken wat nog rest, dat je een idee kan vormen hoe gigantisch dit kamp was. De gids begint meermaals haar relaas met “Kan je je voorstellen hoe…”, “Kan je je inbeelden hoe…” en dat is juist de sterkte van deze plek. Hier valt het weinige tastbare samen met de ontelbare beelden in je hoofd. De documentaires die je zag, de verhalen die je las, de getuigenissen die je hoorde. Al die informatie in je hoofd wordt als een film door je eigen ogen geprojecteerd omdat het hier op deze plek is gebeurd. Je voelt het nog. En de gids brengt het weer tot leven

herinnering aan oswiecim

uit de puinhoop van het dorp hier op het Poolse platteland is als een valse feniks herrezen dit kamp der dood

heel aanwezig achter glas ligt in een kale kamer het haar van 30.000 vrouwen

en hier in blok 15 ligt een berg koffers zonder eindbestemming

er wordt nog geruzied over hoevelen hier het leven lieten of ze echt met z’n allen zijn vergast

twijfel kan hier niet bestaan je voelt nog steeds hoe hier de mensheid door de knieën is gegaan

heel aanwezig achter glas ligt in een kale kamer het haar van 30.000 vrouwen een fractie van de feniks (sarah)

We bezoeken het vernietingskamp op 31 december en enkele uren later staan we om middernacht tussen een meute feestvierders het nieuwe jaar in te luiden op de Rynek Glowny, de grote markt van Krakau, met de prachtige Lakenhal (Sukiennice). Het contrast is frapant. Maar dat is Krakau. Je kan in één dag van een Nazi-nachtmerrie via een Gotisch kasteel naar een communistendroom. En dat wel even slikken. Een vodkaatje(s) dan maar. Na zdrowie en gelukkig nieuwjaar!