Everzwijn op hoge hakjes

België, La Roche -

De winter smelt, de zon ontdooit, de camper komt van stal. Het is nog koud dus de lakenbak laden we vol donsslaapzakken, de kleerkast vol wol, fleece en regenjassen. Dit paasweekend brengen we door in La Roche, een klein, toeristisch stadje bij een bocht van de Ourthe in het Belgische Luxemburg. Ik was hier al eens eerder in het hartje van een zomer. De campings stonden toen bol van Nederlandse caravans, Westvlaamse wielertoeristen en een allegaartje van nordic walkers en oorlogsfanaten. Nu is het hier iets rustiger. Tenminste, voor een koud lang paasweekend. La Roche heeft veel te bieden aan een stadsmens zoals ik die – niet te lang en niet te ver – even uit de sleur kan stappen. De gemeente La Roche telt zo’n 4.000 inwoners. 94,22 % van het grondgebied is onbebouwd. Er zijn wel onwaarschijnlijk veel frietkoten en ijssalons. La Roche is dan ook helemaal ingesteld op het verwelkomen van hordes (zomer)toeristen. Maar het is nog lang geen zomer. Het laat de parasailers koud. Zij zweven ongestoord boven de vallei. De dappere lentezon doorbreekt de wolken en maakt van het terrasje een klein hemeltje op Aarde. Dan doet een Belg waar hij goed in is, Bourgondisch genieten.

La Roche heeft iets met WO II. Wie, waar en wanneer hier heeft gestreden en is gesneuveld laat ik in het midden, feit is dat met het Ardennenoffensief een stuk wereldgeschiedenis werd geschreven waar je in La Roche de sporen van terugvindt. Daar zorgt zeker het Musée de la Bataille des Ardennes voor. Op 1.500 vierkante meter en 3 verdiepingen ga je terug naar 1940-1945. Ook de tanks in het straatbeeld herinneren aan dit verleden. Cafeetjes zijn genoemd naar geallieerde helden, de Amerikaanse en Britse vlaggen wapperen in eerbetoon. Tof om te leren en te bezoeken, maar een stadsmens als ik gaat toch vooral voor die 94,22 % onbebouwd grondgebied.

Iets buiten het centrum, na een fikse klim door de bossen, vind je het Parc à Gibier wildpark. Het blijft natuurlijk een aangelegd park met hekken en wandelpaden, maar hier krijg je wel de kans om alle dieren uit de streek van heel dichtbij te observeren. Ik ben geen beestenfluisteraar of geoefend jager dus de kans dat ik die dieren tijdens een wandeling in de natuur  weg zou jagen alvorens ze te zien, is vrij groot. In Parc à Gibier geef ik mijn ogen de kost. Wat een prachtige schepsels! En ze hebben best een groot terrein om rond te hossen dus zielig is het niet. Niet voor een stadsmens als ik. Rundskop, Bambi, een everzwijn op hoge hakjes, een echte kalkoen (niet geplukt in plakjes in de koeling) en een oerkoe maken mijn dag. Ik word er vrolijk van en veertig jaar jonger.

Met pasen in La Roche is het nog behoorlijk koud. Niet echt met het tafeltje en stoeltjes voor de camper lekker ontbijten in de zon. Neen. Met het tafeltje in de camper op de bank bij de verwarming met je handen rond een warme mok. Maar goed, de wol en fleece stonden paraat. En de mooie avondzon vond de weg naar de terrasjes. En dan doet een Belg waar hij goed in is … Bourgondisch genieten!

Dit schreef Sarah op foto's

1 reactie

  • Ik moest erg lachen om de voorgevel van het oorlogsmuseum. In grote letters “1500 m² – 3 verdiepingen“. Een museum met 3 verdiepingen. Dat moet zeker de moeite waard zijn!

    En tot nu toe was ik me helemaal niet bewust van het feit dat everzwijnen op hoge hakken lopen. What has been seen cannot be unseen.

    Leuk dat ons reisblogje weer wordt bijgehouden.

    Dit schreef kees op 28 mei' 12 om 16:48

*

*