De ware Yang

China, Xi'an -

De enige echte meneer Yang zit aan een tafeltje en signeert een boek. In 1974, bij het graven van een nieuwe waterput, haalt meneer Yang een emmer met een hoofd naar boven. Een stenen hoofd. Het stenen hoofd van een terracotta krijger, zo blijkt na nadere archeologische onderzoeken. Meneer Yang is de ontdekker van het terracotta leger en zit nu aan een tafeltje en signeert een boek. Het is ten strengste verboden meneer Yang vast te leggen op de gevoelige plaat. Ik heb een flauw vermoeden dat er morgen een gelijkaardige meneer Yang met eenzelfde brilletje aan eenzelfde tafeltje eenzelfde boek zit te signeren. Hoe dan ook, het archeologische gezwoeg en gezweet heeft zijn vruchten afgeworpen. Er zijn in totaal al zo’n 6000 gebakken figuren opgegraven. Pas in 1994 werd de derde opgraafplaats geopend voor het publiek. Hier moet het blootleggen nog beginnen. Het is vrij indrukwekkend allemaal. En toch wel logisch voor iemand die dacht dat hij in zijn volgende leven opnieuw keizer zou zijn en dus wederom een keizerlijk leger zou behoeven. Het is dezelfde dromer die opdracht gaf tot het bouwen van de Grote Muur. Dat verbaast me niets. In een kleibakkerij wordt ons getoond hoe zo’n terracotta beeldje tot stand komt, maar meer nog wordt ons getoond hoe souvenirs aan de man worden gebracht. Het is 10% atelier, 90% souvenirwinkel. Ook dat verbaast me niets.

Lees verder…

Alle gekheid op een stokje

China, Beijing -

Twee kaartjes Beijing heen 2e klasse en een Insight Guide Beijing 1995 – iets recenter heb ik niet gevonden in de betere Mongoolse boekhandel. Dat is onze voorbereiding op het Chinese avontuur. Vrij mager dus. Op het station vernemen we dat de klok ’s nachts met een uur werd teruggedraaid. Oef! De andere kant op en we hadden er mooi gestaan. We delen ons treinhotel van 2×2 bedjes met Gaz en Kacy, een jong Brits stel op wereldreis. Een schaaktoernooi en biermarathon later rollen we een hangar in waar de trein wordt opgetild en het onderstel verwisseld. Het volkslied schalt door de luidsprekers en een haag van pakjes salueert de ijzeren draak. Welkom in China!

Even voor Beijing krijgen we een voorproefje van de Grote Muur aan Badaling. Busladingen vol rijden aan en af. Het is Nationale Dag en de gouden week, een weekje vrij. Dat zullen we geweten hebben. Het is overal druk, nog drukker. We slenteren over het Tienanmenplein en laten ons meeslepen in een gele massa van kinderen met Chinese vlaggetjes en ouders druk in de weer met digitale herinneringen. Aan de Donghuamen markt liggen de Beijing specialiteiten uitgestald op stokjes – inktvis, kikkerbilletjes, varkenslapjes, maar ook krekels en schorpioenen en andere etens(?)waar van niet nader vernoemde oorsprong.

Lees verder…

Peking piggies

Mongolië, Ulaanbaatar -

Zonet een fractie De Standaard gelezen, een artikel over Delvoyes tentoonstelling in Bejing. Ik ga, denk ik, snel nog even naar de laser shop enkele tattoes laten verwijderen alvorens mij op Chinese bodem te wagen. Ik wil niet graag in aanvaring komen met de knuppelclub. Culture Politie heten ze dat, een beetje een contradictio in terminis als je het mij vraagt.

Nog een dagje rennen – postpakketjes sturen, Chinees visum halen, proviandje inslaan – en dan kunnen we dertig uur uitblazen in een wagon richting Moederland. Onderweg zal het onderstel worden verwisseld omdat China op een andere spoorbreedte rijdt. Ik denk dat ook wij even zullen moeten intunen op een andere golflengte om stressbestendig de (12!) miljoenenstad Beijing te kunnen doorwaden.

Gobi de Grote

Mongolië, Karkhorum -

De Gobi is wel heel apart. Sommige stukken zijn zo desolaat, zo onaards. Dat iemand hier kan overleven spreekt tot de verbeelding. En toch voorziet moeder Aarde al het nodige. Zo is er bijvoorbeeld de zag (Haloxylon ammodendron), een plant die zout water verdraagt en dat ook vindt, metersdiep in deze dorre, stenige bodem. Het hout brandt als een oude schuur en de begroeiing vinden de beestjes heerlijk. De kameel maakt zich niet al te druk om al deze droogte. Die kan gerust een maand zonder drinken.

Lees verder…

Foxtrot

Mongolië, Erdenedalay -

Op weg naar Bayanzag. ‘Hey, kijk! Een rennende vos!’, en ik wijs naar een snelle stip aan de vlakte. Dat had ik beter niet gedaan. Agi draait een bruuske kwartslag aan het stuur, verlaat het kiezelpad en zet de achtervolging in. Ik denk nog misschien wil hij ons de vos van dichtbij tonen. We naderen hem inderdaad met rasse schreden. Wat ik voor een natuurliefhebbend, zoologisch-curieus uitstapje hield, blijkt zich al gauw te ontpoppen tot een ware klopjacht, per jeep wel te verstaan. De jeep slipt, draait rondjes en maakt stofwolken, maar Agi laat zijn prooi niet los. Na een vijftiental minuten is het arme beest zo afgepeigerd dat het neervalt en naar adem snakt. De jeep stopt enkele meters van de sluwe sprinter. Ik denk nog nou is het welletjes geweest. Ik zou voorwaar willen uitstappen en de drommel een kommetje water en Felix hapklare brokken voorschotelen. In mij welt een diep medelijden met dit schepsel op.

Lees verder…

Agi & Chlama

Mongolië -

Er zijn Russische jeeps en er zijn Russische jeeps. Zoveel heb ik ondertussen al geleerd. Agi’s paradepaardje is een model 2002. Geen rammelende zetels, geen benzinegeur, geen botbrekende vering. Wat een luxe! Agi is onze chauffeur op deze Gobitrip. Hij is 27, komt uit Ulaanbaatar en rijdt het hele jaar door voor touroperators. Zijn vrouw studeert geologie en mijnwetenschappen aan de UB Universiteit. Samen hebben ze een zoon. Chlama is onze gids en kok. Ze is 21 en haalde net haar Bachelor in linguistiek. Volgende week start ze een cursus Duits. Met haar vriend wil ze over vijf jaar de gezinsuitbreiding op gang trekken. Dit wordt haar laatste trip van de zomer.

Gaandeweg Gobi

Mongolië, Dalanzadgad -

We hebben het naar onze zin in deze mooie natuur, ademen diep in deze wijdsheid. Het Mongoolse visum hadden we bij aankomst al verlengd. De botbrekende bultwegen ben je snel weer vergeten. De lijven zijn gezeept, de kleedjes gesopt. Het zat er dus aan te komen.

Het is hier zo mooi, dat we er nog maar eens op uit trekken. Wederom met Tseren Tours, niets dan lof over hun aanpak, wederom met de Russische jeep. Iets korter deze keer, een 7-daagse jeeptocht naar de Gobi. Vandaar ook nu weer, voorlopig, over & out. Op 1 oktober wacht ons een trein met bestemming Beijing. Ik ben heel benieuwd en reeds voorbarig in lichte staat van onbehagen wat het Chinese hoofdstuk betreft. Een taalvirtuoos aan het einde van haar Latijn. Het Point-It boekje wordt allicht mijn bijbel. Maar we wijken af, eerst de kamelenrug op. Gaandeweg Gobi!

Equus przewalkskii

Mongolië, Kustai Nuruu -

We zijn ontdooid en klaar voor het nieuwe klimaat. Op een van de heuveltopjes van het Hustai National Park krijgen we een prachtig zicht over wederom een uitgestrekt gebied. Bij valavond rijden we de jeep in het park op zoek naar wat de Mongolen takhi noemen, het Equus przewalskii. Met uitsterven bedreigd werd hun voortbestaan voorlopig verzekerd mede dankzij een Nederlands project. Momenteel leven er in Hustai NP zo’n 180 van die paarden in het wild, 80 percent van hen zag er ook effectief het levenslicht. Hun grootste vijand is niet langer de mens, maar de wolf. Zo hoor ik het graag. Wij vinden een van de hengsten met zijn harem, zo’n tiental samen. Tot mijn verbazing zijn ze helemaal niet zo schuw. Ze naderen ons al grazend tot op zo’n 20 meter. Wat een bijzonder beestje. En wat een grote kop, zeg!

Wit

Mongolië, Tsagaan Nuur -

Het klonk als zand tegen het tentzeil. Of een stevige wind met een hoop stof. Maar wanneer Kees ’s ochtends het tenthuisje verlaat, kraakt het. En het kraakt hard. Het heeft de hele nacht gesneeuwd. De jeep en tenten staan in een witte vlakte (voor/na). De wind snijdt aan mijn oren. Het is koud. Gekleed in vijf laagjes haal ik net de comforttemperatuur. Ik denk dat ik maar eens een jas ga kopen. Goed plan!

Gans glooiend

Mongolië, Tsetserleg -

Er lijkt geen einde aan te komen. De ene vallei nog groter dan de andere. Een bergketen in de verte wil maar niet naderen. Heuvels die glooien tot in het oneindige. Dit land is groot. Of beter, dit stukje land is groot. Waren we tot Erdenet nog in de watten gelegd met geasfalteerde wegen, vanaf dan is het een opeenvolging van vlotte steppewegen, korstige aardewegen, botbrekende bultenwegen, geen wegen. Geen sprake meer van watten. Aan een pas vind je vaak een oovoo, een stapel stenen of hout, gedrapeerd met blauwe zijden sjaals en omgeven door allerlei offers. Dat kan gaan van een stel krukken, getuige van een vroeger ongeluk, lege Vodkaflessen, geld of wierook. Je loopt driemaal kloksgewijs rond de oovoo en gaat gezegend verder op weg.

Lees verder…