Naar de knoppen

België, Spa -

“De trein is altijd een beetje reizen”, zegt de NMBS, maar waar gaan we heen? Waar vluchten we nu weer naartoe? Nog een rondje Guggenheim met de o zo mooie, o zo onbetaalbare kunst? Naar de disco met de oorverdovende lustopwekkende dreunen of helemaal languit aan een subtropisch post-tsunamisch strand? Of ga ik weer op mijn bek, uitgebrand en opgeblust?

Het maakt me geen moer meer uit waar de trein me uitspuwt. Eerlijk gezegd vind ik het hier vlotjes rollen, lekker deinen. Ik kan hier herbronnen, genieten van de zachte plop die de champagne bevrijdt uit haar dure keurslijf. De neptulpen uit Made in China zijn mooi meegenomen en vrij toepasselijk wat de roots van Mr. Toelips betreft. Het is hier een schandalig beekje decadent, het hele wellness-gebeuren. Het loopt hier werkelijk de Spagaten uit. De natuurwet is ver te zoeken. Hier wordt gesmost met het blauwe goud! Waar gaat dat in godesnaam naartoe? Wie is de bron van alle kwaad? Ik zal het je zeggen: het is de lente, potverdorie! We gaan weer met zijn allen naar de knoppen – mijn excuses voor dit plagiaat.

Oog en blik

België, Antwerpen -

Thuis is waar mijn Stella staat, waar de fritten vet zijn en de saus mayonaisisch. Waar chocola wordt gemaakt met echte melk, waar kraantjeswater echt wel drinkbaar en zelfs lekker is. Het doet deugd iets bekends te zien. Al is het een uniform van een Witte Tornado, de lach van mijn favoriete Turkse groenteboer, de steentjesmozaïek in de Scheldetunnel. Ik bekijk het als voor de eerste keer, soms van een andere kant, maar steeds met nieuwe ogen. En word ik overmeesterd door een heimwee naar de Aziatische toppen, of overmand door een verlangen naar een Zenmeester, dan rest mij nog de zure Kriek Lambic. Want daar is tenslotte waar mijn bakermatje ligt.

In wording

België, Antwerpen -

Zo, dat zit erop. Azië staat op mijn geheugenkaart! Veel gezien, geroken, geproefd, gehoord en gevoeld. Ik weet nu een beetje hoe het daar werkt, waar het om draait. Nu is het tijd voor de familiefeestjes, de Amsterdamse grachten, de Edamkaashapjes en kroegvrienden. Maar nu is het ook tijd om de handen uit de mouwen steken. Ik ben volop en goe bezig met het voorbereiden van een wijkbenefiet-tombola-concert voor het Dicky weeshuis in Lhasa, Tibet, China. Vermoedelijke datum van ontpopping is 17.06.2006, tevens de verjaardag van grote broer Thomas. Allen daarheen! Hulp is welkom. Neem gerust contact op en vertel me jouw talent.

Verder wordt er achter de schermen door de webtovenaars werk gemaakt van de lancering van de Stoerke.be website, alwaar ik de wijze kabouter in mij lekker zijn ding kan laten doen. U verneemt meer op later tijdstip.

Last but not least kan ik nog melden dat deze site blijft voorbestaan voor de kleine en/of grote reisreportages waarin wij ondertussen al geniaal geoefend zijn. De droom om dit ooit in multi-media pakket uit te geven zit voorlopig rustig te wachten in de leeszaal van de Bibliotheek des Levens. Che sarà, sarà…

Thuis is waar m’n Stella staat

België, Antwerpen -

Veel indrukken, weinig drukkunst. Veel tempels, weinig esprit. Chiang Mai kan je maken of kraken. Na een rondje woede, razernij en doorweekt rouwverdriet ging het richting Thuis via Bangkok Hospitaal. Zeven maanden reizen is lang. Ik heb, denk ik, in gedachten 1000 boeken geschreven en wil nu alleen nog haiku’s leren spreken.

Ik maak nu werk van een geldinzameling voor een kind in Lhasa. Je leest er later meer over op de webstek in wording. Als het goed zit, wordt het stoerke.be [ even geduld ajb ]

We wonen opnieuw in: Prekersstraat 57 bus 5 2000 Antwerpen. Kees +32 (0) 499 271 042 Sarah +32 (0) 475 415 818

Laat de berichtjes to the point en de gesprekken op maat zijn ajb. We komen op adem van een lange weg…

Costa del Tai

Thailand, Railay West -

Je ziet op de postkaart een maagdelijk wit strand met wuivende palmbomen aan een azuurblauwe zee. Op de voorgrond dobbert eventueel een houten roeibootje en verder niets dan ongeschondenheid en een natuurlijke puurheid van de zuiverste soort. Er zijn wel duizenden eilandjes aan de Thaise kust, dus ik ben zeker dat het postkaartmodelstrand er ook wel ergens ligt, alleen, je komt er niet. Er gaat geen boot heen en als je er al raakt, ben je aangewezen op je Robinson Crüsoe-vaardigheden om er te overleven. Dus je gaat voor Plan B: het bewoonde eiland. Aan een gebroken wit strand wuiven de palmbomen slechts sporadisch. Het is hier doorgaans bloedheet. Het azuurblauwe moet hier en daar onderdoen voor de dieseltinten, want aan het strand dobbert niet één vissersbootje, maar is het een aan- en afvoeren van bootladingen toeristen. Het maagdelijke beperkt zich voornamelijk tot de bleke huidskleur van de vooral Zweedse arrivées die hier hun jaarlijkse dosis zonnebrand komen slikken. Mijn eerste protest ten spijt, geef ik me over aan het Costa-gebeuren en doe ik wat je hier doet: logeren in een resort, aan een zwembad liggen, in het ligbad lezen en staren naar de – ozonsondergang.

Lees verder…

Angkor

Cambodja, Siem Reap -

Op de nationale vlag, op de bierviltjes, op de bankbiljetten: Angkor, overal Angkor. Een bezoek aan de moeder der tempels is dus onvermijdelijk, een must zoals dat heet. Na een helse boottocht van negen uren op een veel te droge rivier tussen een groep witgesokte prepensioen-Duitsers die elk een koffer van een ton (laten) meezeulen en zo meer dan de helft van de zitplaatsjes in beslag nemen, belanden we – oef, eindelijk – in Siem Reap. De nabijheid van de tempels wordt hier helemaal op de spits gedreven: Angkor Hotel, Angkor Lodge, Temple Lodge, Angkor Spa, Angkor Massage, Angkor Bar II. Je komt hier voor Angkor Wat, laat daar geen twijfel over bestaan!

We kiezen er eerst de kleinste uit, de roze tempels van Banteay Srei. Het is de tempel met de best bewaarde, meest verfijnde steenreliëf, prachtige taferelen uit de Reamkar, de Cambodiaanse versie van het Hindu epos Ramayana. Waar hier de mens de natuur nog naar zijn hand wist te zetten, heeft de natuur opnieuw de bovenhand in Ta Phrom. De tempel wordt omsingeld en overmeesterd door de jungle. Reusachtige wortels banen zich een weg door de stenen puzzel. Bij de tempel van Ta Keo word ik overmeesterd door een acute aanval van hoogtevrees. Ik klim zonder aarzelen de steile trappen op naar een nog hoger gelegen niveau, geen besef van de hoogte en de steilheid van de smalle trappen. Wanneer we gaan afdalen dringt dit besef plots wel tot me door. Mijn knieën gaan knikken, het angstzweet breekt me uit. Ik ga erbij zitten en durf geen meter meer op, welke kant dan ook. Ik probeer mijn verstand op nul te zetten, haal een paar keer diep adem en daal af, krampachtig voetje voor voetje, de vingertoppen als weerhaken aan de stenen geklampt. Met beide voeten stevig op de begane grond vind ik pas mijn lach terug. De tweehonderd vredige tronies van de Bayon lachen terug. Angkor Wat zelf houden we voor het laatst, een mooie afsluiter van een wel heel bijzondere verzameling steenkunst. Zeker een bierviltje waard!

Camping Lotus

Cambodja, Battambang -

We willen het platteland rond Battambang gaan verkennen. Omdat buitenlanders hier geen motootjes mogen huren, laten we ons rijden. Stoffige weggetjes zigzaggen door een systeem van irrigatiekanaaltjes langs rijstvelden, mangoplantages, bananenbomen, kokospalmen en kampot. Hier worden sommige rijstvelden tot drie keer per jaar geoogst dankzij de dam bij Kamping Puoy, die water voorziet. De dam bewijst nu zijn nut, maar niet minder dan 10,000 uitgehongerde en mishandelde arbeiders lieten het leven bij de bouw ervan onder de Khmer Rouge. Vandaag is het een mooie plek, een prachtig meer waarop het idyllisch roeien is tussen de ontelbare lotusbloemen en vissersbootjes. Een restant van de Franse aanwezigheid hier is de bamboetrein of norry. Om hout, rijst en passagiers tussen de dorpjes en naar Battambang te vervoeren, worden er rolletjes op het spoor gelegd en planken van bamboelatjes op de rolletjes. Het geheel wordt aangedreven door een veredelde grasmaaier. Bij Wat Banan krijgen we een voorproefje van de Angkor tempels, de toeristische trekpleister van Cambodia. Beneden bij de rotswand, waar nu nog een imposante bamboestelling de rotsen omringt, zal over vijf jaar een 112m grote rotsgravure over het leven van de Boeddha te zien zijn. Het is een project van Morodaki Angkor om de kansarmen een vak te leren en hoop op een betere toekomst te bieden. Na vijf maanden zonder fornuis, kan ik aan de slag in de keuken. Het Smokin’ Pot restaurant in Battambang geeft kooklessen. Eerst gaan we naar de markt waar we tussen de soms bizarre voedings(?)waren – schildpadden, stinky fish paste – zorgvuldig onze ingrediënten uitkiezen. Na een ochtendje wokken kan ik drie gerechten klaarmaken: de Cambodiaanse amok (kokoscurry) en lok lak (rundsblokjes met ei) en de Thaise tom yam (pikante soep). Mmmm. Wellicht zie je me over enkele maanden met mijn receptenboekje door de rayons van de Sino-Antwerspse Sun Wah speuren.

De zon zien zakken in de zee

Cambodja, Sihanoukville -

Niets beter om de asiatitis (zie Asiatitis) te lijf te gaan dan een weekendje strand. Lekker dobberen in de Golf van Thailand, cocktailtje bij het maanlicht, zand tussen de teentjes en golven die rollen tot bij je luie stoel. Aaah. Adem in, adem uit. De sterren fonkelen en worden bijgestaan door de vuurdans van een strandartiest. Even weg uit de drukte, de hitte en de bittere pil van het oorlogsverleden. Even herbronnen, onthaasten, ontgiften, whatever. Gewoon de zon zien zakken in de zee.

I read the news today oh boy…

Cambodja, Phnom Penh -

Ik sta niet beursgenoteerd. Ik weet vrijwel zeker welk weer te verwachten: volcontinu warm en vochtig. Ik word niet warm van voetbaluitslagen. Op vakantie is geen nieuws, goed nieuws. Het is slechts sporadisch dat ik een krant opensla en eens ga kijken wat er over “de wereld” wordt geschreven. Vandaag was sporadisch, met de Bangkok Post en The Herald Tribune bij de kopjes ochtendthee. En wat lees ik?

De farmaceutische reus GlaxoSmithkline streeft naar een patent op het anti-AIDS/HIV medicijn Combid. Eens daarop geklonken wordt, mag de Thaise Government Pharmaceutical Organisation (GPO) niet langer het veel goedkopere witte produkt GPO-VIR met dezelfde formule op de markt brengen. Het ziet ernaar uit dat de Intellectual Property Department daarvan niet gaat wakker liggen. En de AIDS-patiënten hoeven niet langer wakker te liggen. Die worden niet meer wakker. Makkelijk toch?

De eindredacteur van de Chinese krant Taizhou Wanbao overlijdt drie maanden nadat hij in elkaar werd geknuppeld door de politie. Hij had het geriskeerd – hoe haalde hij het in zijn hoofd? – om kritiek te publiceren op de corruptiepraktijken van de verkeerspolitie bij het verlenen van vergunningen voor elektronische scooters. Aan de telefoon stamelt zijn weduwe iets over leverproblemen en ze wilt verder niet antwoorden op wat voor vragen dan ook. De politie, je beste vriend?

Je zal verder maar een Deen op wereldreis zijn. Of een Turkse kip.

De Indiase monnik Ngawang Tashi Bupa is genomineerd voor een Grammy Award voor zijn boeddhistische chants. Leuk voor hem. Niet dat het verder wat uitmaakt. De Dalai Lama ontving ooit de Nobelprijs voor de Vrede, maar werd in 2005 nog lekker de mond gesnoerd in België. Iets met timing. Of een handelsmissie naar China. Of allebei.

Google, ooit de moraalridder onder de zoekmachines, verliest zijn onschuld op z’n knieën voor de gele censuurdraak. Keep on surfing in the free world!

Ik las vandaag de krant. Niet dat het verder wat uitmaakt. De Cambodiaanse krantenjongen en papierraapster hebben vandaag tenminste een centje verdiend. Dat is, denk ik, zo ongeveer het beste nieuws.

Aard van het beestje

Cambodja, Phnom Penh -

De vrouw kijkt recht voor zich uit. Op haar schoot zit haar kind. Als je goed kijkt, zie je één traan halverwege haar wang. Ze zit onnatuurlijk kaarsrecht en kan ook niet anders. Ze mag niet bewegen en zou het ook niet kunnen als ze dat zou willen. Ze zit vastgebonden op een stoel tegen een ijzeren pin aangedrukt. Zo moet ze poseren voor de camera. Haar intuïtie zegt haar dat, zodra de foto is getrokken, ze van haar kind zal worden gescheiden. Voorgoed.

Het is een foto die me bijblijft, één van de vele foto’s die hier in het Tuol Sleng Genocide Museum worden tentoongesteld. Tuol Sleng, of S-21, was één van de vele gevangenissen in het Cambodia van de Khmer Rouge. In dit voormalige schoolgebouw in een buitenwijk van Phnom Penh werden ruim 12,000 “vijandige elementen” – inclusief alle (!) familieleden – gevangen gehouden, mishandeld, ondervraagd en gefolterd. ’s Nachts werden de uitgemergelde gevangenen gedeporteerd naar het platteland van Choeng Ek, beter bekend als een van vele massagraven van “the killing fields”, zo’n 15 km buiten de stad.

De barbaarsheid van S-21 tart alle verbeelding. Kinderen en baby’s huilen, vragen aandacht en verzorging, wat nefast is voor de vlotte werking van zo’n kamp. Zij waren daarom vaak de eerste slachtoffers uit een lading nieuwkomelingen. Ze werden met het hoofd tegen de muur gegooid of omhoog geworpen en op de bajonet gespiest. Iets trager ging het bij diegenen die ondervraagd moesten worden en waarvan het Angkar regime een geschreven biecht wilde bekomen. Bij de vrouwen werden bijvoorbeeld de tepels opengereten en vervolgens gevuld met schorpioenen, die speciaal voor dit doeleinde in bamboekooitjes werden verzameld. Men durfde ook wel eens nagels uittrekken en de wonden overgieten met alcohol of zuur. De turntoestellen op het voormalige speelplein bleken uiterst handig voor het ophijsen van gevangenen. De handen op de rug gebonden en opgehangen aan het klimrek, werden de schouders uit de kom gedwongen. Als dat je nog niet tot een valse verklaring kon bewegen, dan restten er nog de emmers gevuld met uitwerpselen voor een rondje drinken-of-zinken. De cipiers van S-21 waren vaak kinderen tussen de 10 en 15 jaar die zelf in gevangenschap leefden. Door hun ervaringen in de burgeroorlog en hun verblijf in S-21 konden zij een voorheen ongekende wreedheid aan de dag leggen. Om de geheimhouding van de gevangenispraktijken te verzekeren, werden ook de cipiers en beulen na verloop van tijd omgebracht en vervangen.

De man die deze hel orkestreerde, Political Potential, beter bekend als Pol Pot of Brother No. 1, heeft nooit een voet in dit complex binnengezet. Hij stierf een natuurlijke dood in het buurland Thailand in 1998. Enkele van zijn bondgenoten-Broeders maken deel uit van de huidige Cambodiaanse regering. Het is niet helemaal onbegrijpelijk dat de foto van Pol Pot in de tentoonstelling zwaar is beschadigd. De ogen zijn uit de foto gebrand, de kaken en mond bekrast met slogans van woede en haat. In het gastboek wordt nog volop met stenen geworpen en vingers gewezen naar het westen, naar alle denkbare buren en windstreken. De ene eist een Cambodiaans tribunaal, de andere gelooft alleen in een internationale rechtspleging, weer een ander twijfelt vol angst aan de dood van Pol Pot. Cambodia is nog niet klaar met helen.

Wat ik misschien nog het treurigste vond op deze dag, was het aanbod van de vriendelijke tuktuk chauffeur: ” Want to visit shooting range? Only 4 kilometers!” Blijkbaar kan je hier om de spreekwoordelijke hoek een rondje AK-47 ammunitie leegknallen op een plaatselijke koe. Begrijpe wie begrijpen kan.

Info: Documentation Center of Cambodia