België - Brussel

On the road again

België, Brussel -

De rugzak is gepakt en puilt uit. En de handbagage. En nog wat handbagage. Ik reis voor het eerst zwaar bepakt, tot op de limiet van het toegestane gewicht en formaat. Maar daar is een reden voor. Uiteraard. Ik probeerde in mei en augustus 2008 tevergeefs een bezoek te brengen aan het Dickey Weeshuis in Lhasa. Maar Tibet was toen gesloten. Nu gaat het lukken. Mijn visum is geregeld, al zij het op de valreep. De jonge Brussels-Arabische taxichauffeur heeft toen mijn reis gered.

“Je vais couper, je vais couper”. Langs kleine straatjes ver weg van de files loodste hij me om vijf voor elf naar de Chinese ambassade in Woluwe. Die sluit om elf uur. En dan naar de Mongoolse in Vorst. Die sluit om twaalf uur. Het was een dagje stress. Die rit vergeet ik niet snel. Wat ik wel bijna was vergeten was mijn gele vaccinatiekaart. Die heb ik op het laatste even van onder het stof gehaald. Gelukkig maar. Buiktyfusvaccin moet opnieuw gezet. Een prik later ben ik helemaal klaar. Of toch niet. Mijn zonnebril ligt nog in de ravijn boven de Yangtze in China. Toch nog even winkelen dan: zonnebril, tampons, tandpasta. Klaar.

Op twee juni vlieg ik via Londen naar Beijing. Op vijf juni gaat het richting weeshuis in Lhasa met pak en zak vol kleren en cadeautjes. Half juni sta ik terug in Beijing. Hopelijk in het station met een treinkaartje voor Ulaanbaatar. Daar wacht een jeep met bevriende Mongolen. En een Gobiwoestijn vol stilte. Eindeloze stilte. Eindelijk.