China - Lijiang

De tijgersprong

China, Lijiang -

Midden in de rivier ligt een groot rotsblok. Hier sprong de tijger over de Yangtze. Hoog boven de oevers volgt een steil, kronkelend paadje, erg dicht bij de afgrond, de plooien van de ravijnberg. We zijn aan de Tiger Leaping Gorge, zo’n twee uur rijden van Lijiang. Mijn maag ligt in een kronkel en mijn darmen geven niet thuis. Niet echt een goede start voor een wandeltocht waarbij we op de eerste dag zes uren zullen moeten klimmen. De wolken beschermen ons tegen de brandende zon en achter elke bocht wacht een nog mooier vergezicht. Wanneer we aan het zwaarste stuk moeten beginnen, gooi ik echter de handdoek in de ring. Het protest van mijn ingewanden en de hitte van de zonnestralen die zich door het wolkendek wisten te priemen worden mij teveel. Gelukkig zijn er gidsen met paardjes, paardjes die mij en de rugzakken de berg opzeulen tot aan het einde van dit moeilijke stuk, de 26 bochten. Daarna wordt het iets makkelijker en het vooruitzicht van een frisse, welverdiende pint in de Halfway Lodge waar we zullen overnachten, pompt nieuwe moed in de beentjes. Het panorama vanop het balkon maakt alles goed en doet zelfs de hardnekkigste blein vergeten. Dag twee is een peulenschil vergeleken met het eerste traject. Af en toe wordt het wel spannend en een beetje eng wanneer een watervalletje over het pad gaat. Het smalle pad, het smalle gladde pad, het smalle gladde pad met niets dan afgrond naast me. Heel ver onder ons hoor je het aanhoudende geraas van de machtige Yangtze. Hoog boven ons zorgt de hemel voor een dramatisch lichtspel. Daar tussenin overmeesteren twee nietige stipjes in een reusachtige ravijn het pad waar eens de legendarische tijger een sprong over de gouden rivier waagde.

Dongba en Disney

China, Lijiang -

Het stukje georganiseerd reizen is begonnen. Geen gezoek naar de juiste bus, geen gevlucht van zwarte taxi’s, geen gestamel met het Mandarijn woordenboekje in de hand. Lekker makkelijk. Een bordje met onze namen, een transfer naar het hotel. Lijiang noemt men ook wel het lampionnenstadje. Overal hangen er rode lampionnetjes die het stadje baden in een sfeer van kitscherige romantiek. De diensters zijn gekleed in de traditionele kledij van de plaatselijke minoriteiten. Het dorpje is een grote souvenirwinkel. In de zijstraatjes kom je heel sporadisch nog iets tegen van het echte leven, verder is dit gewoon Disneyland. In de luidruchtige barstraat dansen tot een stuk in de nacht de minoriteiten, wederom in vol ornaat, hun traditionele volksdansen op een housebeat. Kan het nog gekker?

Lijiang heeft gelukkig meer te bieden dan het vernieuwde “oude” centrum. Onze gids Joey komt ons ophalen om te gaan fietsen naar Baisha. Een gladde asfaltbaan verbindt Lijiang met de omliggende dorpjes. Het is een makkelijk tochtje langs de velden, het het vee en de boeren. De Naxi muzikanten nodigen ons uit voor de verplichte jamsessie op de traditionele instrumenten, oude mannetjes zitten gehurkt rond het mahjongspel, kinderen roepen ‘hello’ en vinden het hilarisch wanneer we antwoorden met ‘nihao’.

In het dorp woont de beroemde dokter Ho. Er werd ooit een alinea over hem geschreven in de Lonely Planet en sindsdien is het hek van de dam. Steeds meer reizigers gingen even bij hem langs. Ook Michael Palin en andere documentairemakers brachten verslag uit van de wonderdokter uit de Himalaya. Het kabinet van dokter Ho ligt bezaaid met stapels artikels over hem en naamkaartjes van bekende en minder bekende buitenlanders. Hij teert nog steeds op die roem al is het mij niet echt duidelijk waarin hij dan zou uitblinken. In een aanpalend kamertje vol emmers met poedertjes vult hij een papieren zakje met ‘healthy tea’ en vol trots overhandigt hij ons het mirakel der traditionele geneeskunde. Je mag geven wat je wilt en onze gids vertelt ons dat sommige toeristen wel 100 yuan neertellen voor de poederthee. Bij de apotheek om de hoek vind je het goedje voor 5 yuan. Het dorp kijkt duidelijk anders naar dokter Ho. Niemand gaat bij hem op consult. Ze vinden hem een erg gekwiekste zakenman, dat wel.

Terug in Lijiang parkeren we de fietsen bij het dongba museum. De dongba zijn de priesters of wijzen in de religie van de plaatselijke Naxi minderheid. Ik herken veel elementen uit de Tibetaanse Bon cultuur en het sjamanisme. Veel kleurige maskers en dierensymbolen. In het museum wordt uitgestald wat kon gered worden uit de klauwen van de Culturele Revolutie. Ik koop een woordenboekje met vertalingen van de dongba hierogliefen. Niet dat het ooit van pas zal komen. Er rest nog slechts een vijftigtal dongba priesters. Maar het is een prettig tijdverdrijf om te neuzen in de tekens en symbolen van een eeuwenoude cultuur, hier op het terrasje met een frisse Budweiser in Disneyland.